Samen werken aan eigentijds onderwijs

 

Connectivisme

De behavioristische, cognitivistische en constructivistische leertheorieën  zijn tot stand gekomen in een tijd dat het leren nog niet of nauwelijks werd beïnvloed door de technologie. Tegenwoordig heeft de technologie grote impact op hoe we leven, communiceren en hoe we leren (Siemens, 2004). Het connectivisme is een leertheorie die door George Siemens (2004) beschreven is voor het digitale tijdsperk waarin we leven.


De meeste leertheorieën richten zich op het leren dat plaatsvindt in een persoon, op het interne proces. Deze leertheorieën gaan in op vragen als: Hoe zorg je ervoor dat je dingen onthoudt? Hoe bouw je, in je eigen brein,  kennis op? Hoe koppel je voor jou nieuwe kennis aan kennis die je als persoon al hebt? Bij het sociaal-constructivisme wordt weliswaar het belang van de omgeving bij dat leerproces aangegeven maar wordt er niet verder ingegaan op het leren buiten de persoon, binnen groepen, netwerken, organisaties.

Siemens (2006) beschouwt leren als een netwerk-fenomeen dat beïnvloed wordt door technologie en socialisatie. In een wereld waarin de hoeveelheid informatie exponentieel toeneemt en kennis steeds sneller verouderd, wordt het vermogen om te leren belangrijker dan de opgeslagen kennis en wordt het steeds belangrijker om verbanden te leren zien en te leggen. Om verbanden te zien en te leggen en om met die toenemende hoeveelheid informatie om te gaan, vormen mensen netwerken. 

Hoe groter en beter het netwerk hoe groter de mogelijkheid om te leren. Een individu brengt zijn kennis in zijn netwerk in, vanuit het netwerk komt kennis in organisaties en leren individuen binnen de organisatie van die kennis. 

Een leernetwerk bestaat volgens Siemens  (2004) en Downes (2012) uit entiteiten en verbindingen tussen de entiteiten (connecties). Onder entiteiten wordt alles verstaan waarmee de lerenden zich kunnen verbinden. Entiteiten kunnen personen, groepen, boeken, computers en alle andere informatiebronnen en informatiedragers zijn. Je zou de connecties, verbindingen binnen het netwerk, kunnen zien als pijpleidingen. De pijpleidingen zijn daarbij nog belangrijker dan de content die er doorheen stroomt. Binnen de pijpleidingen blijft de content namelijk groeien. Van belang is hierbij het vermogen van de lerenden om kenniselementen die in de kennisbronnen en kennisdragers aanwezig zijn met elkaar te verbinden.  

Het connectivisme legt de nadruk bij het leren op het verbinden van die kenniselementen. Daarbij is het vermogen om te leren voor de toekomst belangrijker dan de kennis die er op dit moment is (Siemens, 2004). 


Changing Schools, Changing Knowledge (George Siemens)

Learning and connectivism in MOOc's (Stephen Downes)

 Connectivism and connective knowledge (George Siemens)


Downes, S. (2012). Connectivism and Connective Knowledge. Essays on meaning and learning networks. National Research Council Canada. Geraadpleegd op 7 februari 2015, van http://www.downes.ca/files/books/Connective_Knowledge-19May2012.pdf

Siemens, G. (2004). Connectivism: A learning theory for the digital age. Geraadpleegd op 6 februari 2015, van http://www.elearnspace.org/Articles/connectivism.htm

Siemens, G. (2006). Connectivisme: Learning theory or Pastime for the Self-Amused? Geraadpleegd op 25 februari 2015, van http://altamirano.biz/conectivismo.pdf