Samen werken aan eigentijds onderwijs

 

Werken aan 21e eeuwse vaardigheden met NPDL.






Door: Fréderieke van Eersel (Eigenaar Eduet www.eduet.nl /adviseur eigentijds onderwijs)

Op veel onderwijssites en in veel beleidsstukken kom je de term ‘21st century skills of ‘21e eeuwse vaardigheden’ tegen. De term wordt zo vaak genoemd dat ik zo langzamerhand enige irritatie bij mezelf en anderen bespeur bij het horen ervan. Het gaat hier weliswaar om vaardigheden waarvan we nu denken dat deze in deze tijd meer dan voorheen noodzakelijk zijn om te kunnen functioneren in onze snel veranderende samenleving en om daarbinnen een waardevolle bijdrage te kunnen leveren,  maar de term zegt voor mij te weinig wat de bedoeling van deze lijst met vaardigheden is.

Het internationaal partnerschap NPDL, New Pedagogies for Deep Learning, dat in 2014 door onderwijssocioloog Michael Fullan geïnitieerd is, heeft het niet over ‘21st century skills’ maar over ‘Deep Learning skills’. Deze term spreekt mij meer aan omdat deze beter aangeeft waar het hier om gaat: om vaardigheden die nodig zijn om tot diep leren te komen. En ja, dat diep leren is in onze 21e eeuw noodzakelijk om te kunnen functioneren in onze snel veranderende samenleving. Doordat taken waar oppervlakkige kennis voor nodig is, in de toekomst meer en meer zullen worden over genomen door machines, computers en robots, zal het belang van diep leren toenemen.

Ik begeleid een van de NPDL-scholen in Nederland, basisschool De Bogaard in Ravenstein en merk in gesprekken met onderwijsprofessionals dat het hanteren van een andere terminologie ook een nadeel heeft. Mensen die niet op de hoogte zijn van NPDL hebben vaak niet in de gaten dat de NPDL-scholen heel gedegen werken aan de 21e eeuwse vaardigheden.

Ik wil benadrukken dat ik de vaardigheden waarnaar met de term ‘21e eeuwse vaardigheden’ wordt verwezen zeer relevant acht voor het onderwijs. In dit artikel zal ik niet verder ingaan op hoe je de vaardigheden moet noemen (21 ste Century Skills of Deep Learning Skills),  maar wil ik duidelijk maken hoe de vaardigheden die we in Nederland als 21e eeuwse vaardigheden beschouwen terugzien in de Deep Learning Skills van NPDL.


Wat verstaan we in Nederland onder 21e eeuwse vaardigheden?

In binnen- en buitenland verschillen de lijstjes met vaardigheden die men noodzakelijk acht voor het functioneren in deze tijd en in de toekomst.

In Nederland wordt het model van Kennisnet en SLO gehanteerd als het gaat om 21e eeuwse vaardigheden. Hierin worden de vaardigheden communiceren, samenwerken, sociale & culturele vaardigheden, zelfregulering, kritisch denken, creatief denken, probleem oplossen, computational thinking, informatie vaardigheden, ICT-basisvaardigheden en mediawijsheid beschouwd als 21e eeuwse vaardigheden. Deze vaardigheden kunnen zowel los als in samenhang worden gezien, maar het is de bedoeling dat ze altijd gecombineerd worden met vakspecifieke kennis en vaardigheden.


Wat zijn de Deep Learning Skills?

Niet alleen in Nederland speelt en speelde de vraag ‘welke vaardigheden hebben kinderen van nu nodig voor hun huidige en toekomstige functioneren?’. Er ontstonden in verschillende landen allerlei lijstjes met 21e eeuwse vaardigheden. Michael Fullan kwam na analyse van meerdere van deze opsommingen van 21st Century Skills uit op een zestal vaardigheden die je wereldwijd als 21e eeuwse vaardigheden kunt beschouwen en noemde deze de Deep Learning Skills. Hij heeft het dan over character, citizenship, collaboration, communication, creativity en critical thinking. Aangezien deze vaardigheden allemaal met de letter ‘C’ beginnen, worden ze ook wel de 6 C’s genoemd.

    

Welke rol spelen de Deep Learning Skills binnen NPDL?

De opsomming van 21e eeuwse vaardigheden of Deep Learning Skills zegt nog niets over de manier waarop je ze binnen je onderwijs aan de orde laat komen. De Deep Learning Skills moeten niet beschouwd worden als losse vaardigheden. Binnen NPDL is het de bedoeling dat de zes Deep Learning Skills (6 C’s) op een betekenisvolle manier en in samenhang aan de orde komen. Allereerst worden ze verbonden met inhoudelijke doelen die afgeleid zijn van de kerndoelen. Vervolgens ontwerpen leerkrachten samen leertaken die leerlingen stimuleren om hun Deep Learning Skills te ontwikkelen en om tot diep leren te komen. Bij het ontwerp houden ze rekening met wat de leerlingen al kunnen ten aanzien van de Deep Learning Skills en denken ze na over wat het van onderwijsprofessionals en de leeromgeving vraagt om de leerlingen verder te helpen in hun ontwikkeling ten aanzien van deze 6 C’s. Tijdens en na afloop van het werken aan de leertaken worden de ontwikkelingen van leerlingen ten aanzien van de inhoudelijke doelen en ten aanzien van de zes C’s worden gevolgd en in beeld gebracht met instrumenten die door het NPDL partnerschap zijn ontwikkeld. Binnen het NPDL partnerschap wordt niet alleen gekeken naar de vorderingen van de leerlingen, maar wordt ook onderzocht wat er ten aanzien van schoolcondities nodig is en wat werkt als het gaat om het ontwikkelen van de Deep Learning Skills. Hierbij worden antwoorden gezocht op de vraag “welke ‘new pedagogies’ zijn er nodig om de Deep Learning Skills te ontwikkelen zodat leerlingen tot diep leren komen?”.

   

Hoe zie je de 21e eeuwse vaardigheden zoals geformuleerd door Kennisnet en SLO terug binnen NPDL?

Er is veel overlap tussen de 21e eeuwse vaardigheden die door Kennisnet en SLO benoemd worden en de 6 c’s van NPDL. Vier van de 21e eeuwse vaardigheden die door Kennisnet en SLO genoemd worden, komen letterlijk overeen met vier van de zes C’s van NPDL: samenwerken (collaboration), communiceren  (communication), creatief denken (creativity) en kritisch denken (critical thinking).

De andere 21e eeuwse vaardigheden vormen een onderdeel van een of meerdere C’s. Zo is zelfsturing een belangrijke vaardigheid bij ‘character’. Bij deze ‘C’ gaat het erom dat leerlingen leren om diep te leren en hun vermogen om leren te integreren in het dagelijks leven. Leerlingen leren sturing te geven aan hun eigen leerproces en dragen binnen NPDL ook bij aan het leerproces van anderen.

De sociale- en culturele vaardigheden komen met name terug bij citizenship en collaboration. Bij citizenship staat het denken als wereldburgers en het nadenken over internationale vraagstukken centraal. De interpersoonlijke en teamgerelateerde vaardigheden die nodig zijn om te kunnen samenwerken, zijn opgenomen bij collaboration.

Het probleemoplossend denken wordt gestimuleerd door bij leertaken uit te gaan van ‘echte’ problemen/vraagstukken die relevant zijn voor de leerlingen (zie citizenship). Leerlingen worden uitgedaagd om vernieuwende oplossingen te bedenken (zie creativity) waar zij ook hun kritisch denkvermogen (critical thinking) nodig hebben om tot oplossingen te kunnen komen. Bovendien is het bij de leertaken de bedoeling dat leerlingen zelf veel inbreng hebben en eigenaar worden van hun  leerproces (zie character). Het probleemoplossend vermogen is daardoor niet alleen van toepassing op de leerinhoud maar ook op het leerproces.

De leerlingen verwerven informatievaardigheden en ICT- (basis)vaardigheden bij het werken aan de leertaken. Bij elke ‘C’ is een dimensie ‘inzet van digitale middelen’ geformuleerd. De informatievaardigheden worden expliciet benoemd bij citizenship en critical thinking.

Alhoewel computational thinking en mediawijsheid niet expliciet benoemd worden binnen de beschrijvingen van de zes C’s, sluiten ze hier wel goed bij aan. De doelen uit de voorbeeld leerplannen van het SLO  op het gebied van computational thinking en mediawijsheid kunnen naast de inhoudelijke doelen die afgeleid zijn van de kerndoelen, gebruikt worden om deze 21e eeuwse vaardigheden expliciet te laten terugkomen binnen de leertaken.

In onderstaand schema heb ik aangegeven hoe je de vaardigheden die we in Nederland als 21e eeuwse vaardigheden beschouwen terugziet binnen de 6 C’s van NPDL. Voor de beschrijving van de 21e eeuwse vaardigheden heb ik gebruik gemaakt van de informatie op de site van het SLO (http://curriculumvandetoekomst.slo.nl/21e-eeuwse-vaardigheden/ , geraadpleegd op 1 juli 2016). Voor de beschrijving van de 6 C’s heb ik gebruik gemaakt van de omschrijvingen van de 6 C’s die geformuleerd zijn in de Deep Learning Toolkit (New Pedagogies for Deep Learning Global Partnership, 2016) . In de linkerkolom staan de 21e eeuwse vaardigheden uit het model van Kennisnet en het SLO en in de kolommen daarachter is per Deep Learning Skill aangegeven wat er binnen NPDL ten aanzien van de betreffende vaardigheid gevraagd wordt. 


              

Character

Citizenship

Collaboration

Communication

Creativity

Critical Thinking

Zelfregulering

Leren om diep te leren.

Leerlingen leren zelf sturing te geven aan hun leerproces en verantwoordelijk-heid te nemen voor hun eigen leren.

 

 

 

 

 

Sociale- 

en 

culturele vaardigheden


 

Leerlingen leren denken als wereldburgers.

Ze leren nadenken over internationale vraagstukken vanuit een diepgaand inzicht in verschillende waarden en wereldbeelden en met oprechte belangstelling.

Leerlingen werken aan sterke inter-persoonlijke   en team-gerelateerde vaardigheden, zoals effectieve aansturing van de dynamiek en uitdagingen binnen het team, waarbij gezamenlijk inhoudelijke beslissingen worden genomen en men leert van en bijdraagt aan het leerproces  van anderen.

 

 

 

Samenwerken

 

 

Leerlingen leren om in onderlinge afhankelijkheid samen te werken binnen een team en elkaar daarin te versterken.

 

 

 

Communiceren

 

 

 

 

Leerlingen leren effectief te communiceren met behulp van verschillende stijlen, methoden en middelen (inclusief digitale middelen), afgestemd op verschillende doelgroepen.

 

 

Creatief denken 

 

 

 

 

 

Leerlingen worden uitgedaagd om een ‘ondernemend oog’ te hebben voor economische en sociale kansen, om de juiste vragen stellen om nieuwe ideeën te genereren. Ze werken aan leidinggevende vaardigheden om deze ideeën verder uit te werken en om te zetten in gerichte actie.

 

Kritisch denken

 

Leerlingen leren nadenken over internationale vraagstukken vanuit een diepgaand inzicht in verschillende waarden en wereldbeelden en met oprechte belangstelling.

 

 

 

Leerlingen leren informatie en argumenten kritisch te beoordelen, patronen en verbanden  te zien, betekenisvolle kennis op te bouwen en deze toe te passen op het echte leven.

Probleem 

oplossen

 

Leerlingen leren meerduidige, complexe problemen in het leven op te lossen die van invloed zijn op de duurzaamheid   van mens en milieu. 

 

 

Leerlingen worden uitgedaagd om vernieuwende oplossingen te overwegen en uit te werken.

 

Mediawijsheid

 

 

Het doel ‘leerlingen zijn zich bewust  van en hebben inzicht in de medialisering van de samenleving, en kunnen het effect daarvan vanuit verschillende perspectieven (politiek, beleid, maatschappij, cultuur, individu) kunnen   belichten’ kan de inhoud vormen van Deep Learning taken.

Dit doel wordt niet expliciet benoemd in de uitwerking van de 6 C’s, maar sluit goed aan bij Citizenship.

 

 

Leerlingen begrijpen, selecteren, gebruiken verschillende communicatie-methoden en   middelen om samenhangend te communiceren en stemmen deze af op verschillende doelgroepen.
Het doel ‘begrijpen hoe media gebruikt worden, zelf media kunnen produceren en creëren en daar doelen mee kunnen realiseren en daarop reflecteren’, wordt niet expliciet benoemd in de uitwerking van de 6 C’s, maar is wel een specificering van de beschrijving bij communication en creativity.

Het   doel ‘…. zelf media kunnen produceren en creëren en daar doelen mee kunnen realiseren en daarop reflecteren’, wordt niet expliciet benoemd in de uitwerking van de 6 C’s, maar is wel een specificering bij communication en creativity.

  

 

Computational thinking

  

 

  

Deze vaardigheid wordt niet expliciet benoemd in de beschrijvingen van de 6 c’s, maar komt wel aan   de orde als leerlingen digitale middelen inzetten om hun leren zichtbaar te maken.   Voor verschillende van deze digitale middelen is computational thinking nodig.

  

 

  

  

 

  

  

 

  

  

 

  

  

 

  

ICT-basis-vaardigheden

Leerlingen leren digitale middelen in te zetten om tot diep leren te komen en om zelf sturing te geven aan het leerproces.

Leerlingen leren digitale middelen in te zetten bij het krijgen van inzicht in nationale en internationale vraagstukken.

Leerlingen leren op een effectieve manier gebruik te maken van digitale middelen om de onderlinge samenwerking   te bevorderen.

Leerlingen leren op een effectieve manier gebruik te maken van digitale middelen om de kwaliteit van hun communicatie te verbeteren.

Leerlingen leren digitale middelen in te zetten om het creatief denken te bevorderen.

Leerlingen leren digitale middelen in te zetten om de kwaliteit van hun denkproces te bevorderen.


Informatie-vaardigheden

 

 

Leerlingen gebruiken digitale middelen om inzicht te krijgen in het internationale en multiculturele karakter van de vraagstukken waar ze aan werken.

 

 

 

Leerlingen leren informatie en argumenten kritisch te beoordelen, patronen en verbanden te zien, betekenisvolle kennis op te bouwen en deze toe te passen op het echte leven.


Het schema laat zien dat de 21e eeuwse vaardigheden een centrale plaats innemen binnen NPDL. Het mooie van NPDL vind ik dat het hierbij niet alleen gaat om het opdoen van kennis en het ontwikkelen van deze vaardigheden, maar om het benutten van en het leren inzetten van die kennis en vaardigheden ten behoeve van de samenleving:

NPDL is not only about education, it’s about humanity” (Michael Fullan).

Scholen die worstelen met de vraag hoe ze kinderen kunnen ondersteunen en volgen bij het ontwikkelen van 21e eeuwse vaardigheden/ Deep Learning Skills, raad ik zeker aan om in gesprek te gaan met onderwijsprofessionals die op NPDL scholen werken.

Ga voor meer informatie over NPDL naar www.turninglearning.nl